
De Western Shore (Stadskade) te Southampton.
In de Julimaand van het jaar 1907 had ik het voorrecht, met een mijner zoons, een alleszins aanbevelenswaardige reis te maken.Buitengewoon is die reis, met een der stoomers van de Maatschappij Nederland naar Genua, om overland terug te keeren, volstrekt niet. Velen hebben haar gedaan en het schijnt, dat hoe langer hoe meerdat voorbeeld volgen, gelijk uit de passagierslijsten in de dagbladen blijkt. Evenwel, menigeen zou er bij het ontwerpen vanzijn zomerplannen niet aan denken; en als men zelf een rijk genot heeft gesmaakt, voelt men zich dan niet onwillekeurig gedrongen,om ’t anderen toe te roepen: als gij kunt doe het dan ook eens? ’t Is een heerlijke boottocht, vol afwisseling, vol frissche,opwekkende lucht en weldoende rust wanneer gij op zee zijt, en waar het schip aanlegt, hebt gij gelegenheid, veel schoonsen belangrijks te zien. De tehuisreis over land—wij kozen den weg door den Simplontunnel—voert van zelf door een opeenvolgingvan prachtige landstreken en merkwaardige steden.

Een boot der Maatschappij Nederland.
Ik wensch van onze zeereis en wat daarmede samenhing een eenvoudig verslag te geven. Eenige persoonlijke ervaringen wenschik mede te deelen. Meer niet. Er is geen denken aan, iets te leveren, dat op een “reisgids” gelijkt. Daaraan is ook geen behoefte.Omtrent de landen en de steden, die wij bezochten, is o.a. Baedeker te raadplegen, en “gidsen” voor afzonderlijke gedeeltenzijn overal wel te krijgen. De Maatschappij Nederland stelt bovendien beschikbaar een paar zeer bruikbare boekjes: Over zee van Amsterdam naar Nederlandsch Indie, door Dr. J. Groneman en een Gids voor de overland reis naar Genua, ten dienste van passagiers der Stoomvaart-Maatschappij Nederland, met platte gronden en kaartjes, benevens een aantal aanwijzingen, toelichtingen, e.d. die den reizigers van nut kunnen zijn.
Het eerste geeft allerlei bizonderheden omtrent de zeereis van Amsterdam tot Genua, het tweede omtrent [74]verschillende reisroute’s door den St. Gothard, den Mont-Cenis en den Simplontunnel, of over Marseille en Nice. In zóóverkan ik iets nieuws daaraan toevoegen, als sedert Juli dezes jaars de booten ook Lissabon aandoen, tot het opnemen van passagiers.De onze was de tweede, die het deed,—een aantrekkelijkheid te meer, want anders komt men zoo licht niet in de nabijheid vandie wonderschoon gelegen stad!
Wij maakten de reis met de Koning Willem II, Kapt. Teensma. Omtrent dit schip en zijn inrichting is het werkje van Dr. Groneman te raadplegen. Hij noemt het als type,omdat hij ’t het beste kende, want hij had er in 1902 en 1903 d